| |

Een beeld zegt meer dan duizend woorden – zeker als het een
aantrekkelijk beeld is, van goede kwaliteit. De beste beelden worden nog
steeds door professionele fotografen gemaakt. Tot niet zo heel lang
geleden moesten die beelden dan op high-end scanners gedigitaliseerd
worden. Maar intussen heeft de digitale fotografie een aanzienlijk
territorium veroverd in het beeldenrijk, zowel bij professionele en
semi-professionele als bij amateurfotografen, en zijn de foto’s
onmiddellijk beschikbaar als digitale bestanden. En ook de
semi-professionele scanner is niet meer weg te denken uit het grafisch
productieproces.
› Terug naar Educazië |
|
|
|
|
|
Bestandstypes
Beelden kunnen als verschillende types bestanden aangeleverd worden. Elk
bestandstype heeft zijn eigen specifieke eigenschappen. We bekijken een
aantal beeldformaten in chronologische volgorde van ontstaan.
Aan het bestandstype kan je vaak al opmaken of een beeld al dan niet
geschikt zal zijn voor gebruik in drukwerk (Print). Omdat de technische
vereisten voor internettoepassingen (Web) veel minder hoog zijn, kunnen
beelden specifiek bestemd voor drukwerk vaak na conversie ook gebruikt
worden in websites en andere schermtoepassingen.
Het bestandstype zegt echter niet alles; in de hoofdstukken
Beeldresolutie en Kleurmodel vind je aan welke criteria het beeld moet
voldoen. Het verschil tussen Bitmap en Vector wordt uitgelegd in het hoofdstuk Foto vs. Tekening.
X = is geldig | O = is geldig na conversie
Legacy beeldformaten – letterlijk een erfenis uit het verleden
– zijn de allereerste beeldformaten die voor computers ontwikkeld
werden, maar ze komen nog steeds voor. Voor PC’s was dat Bitmap,
voor Apple Macintosh Pict. Deze bitmapformaten zijn tamelijk rudimentair
en niet bruikbaar voor professionele doeleinden.
Tot de eerste generatie behoren de eerste bruikbare formaten voor het
maken en weergeven van digitale beelden.
| Web |
GIF, het acroniem voor Graphics Interchange Format, is een
bitmapformaat dat een compressieschema gebruikt ontwikkeld door
CompuServe. Omdat GIF-bestanden heel compact zijn, kunnen ze snel en
gemakkelijk over een netwerk verstuurd worden. Daarom is dit het meest
gebruikte beeldformaat op het World Wide Web. Omdat de kleurdiepte van
GIF beperkt is tot 8-bit (256 kleuren), gaat wel kleurinformatie
verloren, waardoor GIFs niet gebruikt kunnen worden voor drukwerk. |
| Print |
TIFF, wat staat voor Tagged Image File Format, was het eerste
professionele beeldformaat. Het is een bitmapformaat dat kleurdieptes
aankan van 1-bit (zwart en wit) over grijswaarden tot 24-bit (meer dan
16,7 miljoen kleuren). TIFF bestanden gebruiken het
LZW-compressieschema dat geen kwaliteitsverlies veroorzaakt. |
De tweede generatie trachtte de beperkingen van de eerste generatie op te vangen.
| Web |
JPEG, genoemd naar de Joint Photographic Experts Group die het
formaat ontwikkelde, is een bitmapformaat dat een beeldbestand kan
comprimeren tot slechts 5% van de oorspronkelijke omvang en tot 24-bit
kleurdiepte ondersteunt. Bij het comprimeren treedt wel
kwaliteitsverlies op dat recht evenredig is met de mate van compressie:
hoe meer het beeld gecomprimeerd wordt en dus hoe kleiner het bestand,
hoe meer kwaliteitsverlies. Dit uit zich in verlies aan scherpte, detail
en kleurdiepte. |
| Print |
EPSF, afkorting voor Encapsulated PostScript File, is een
bestandsformaat dat werd ontwikkeld door Adobe. Een EPS-bestand kan
zowel een bitmap- als een vectorieel bestand zijn. Het bestandformaat is
specifiek bedoeld om gemakkelijk te kunnen positioneren in een
opmaakprogramma, en bevat alle informatie nodig om het in CMYK te
printen of uit te flitsen. |
De derde generatie introduceert nieuwe formaten voor het web.
| Vectorieel |
Met SVG of Scalable Vector Graphics en het Flash-formaat
(SWF) zijn er nu ook vectoriële bestandsformaten beschikbaar voor
gebruik op het internet. Het voordeel is dat vectoriële bestanden
over het algemeen minder groot zijn dat bitmapbestanden, en dat ze
inzoombaar zijn zonder verlies van detail. Flash is niet zozeer een
bestandsformaat maar een programmeertaal voor interactieve websites. |
| Bitmap |
PNG, acroniem voor Portable Network Graphics, combineert de
voordelen van GIF en JPEG, en biedt nog extra voordelen, zoals 254
transparantieniveau’s, meer controle over de helderheid van het
beeld en meer dan 256 kleuren. PNG ondersteunt ook progressive rendering
(het beeld wordt geleidelijk aan opgebouwd, zodat de bezoeker van de
website niet te lang op een wit vlak hoeft te kijken) en comprimeert
beter dan GIF. |
|
› Web vs. print
› Foto vs. tekening
› Bestandstypes
› Analoog
› Digitaal
› Beeldresolutie
› Kleurmodel
|
|
|
|